fbpx

Eentje om terug te zien: onze tribune in 1947 (+ kampioen in 1948)

In onze rubriek “eentje om terug te zien” nemen we vandaag de teletijdmachine naar het jaar 1947.

Sportief scheerde Racing eind jaren 40-jaren 50 hoge toppen, maar de Tweede Wereldoorlog lag op dat moment nog vers in het geheugen.

Zo kwam aan het einde van WOII een Duitse V1-bom op onze hoofdtribune terecht, met uiteraard heel wat schade tot gevolg.

Toch bleef de club niet bij de pakken zitten: de herstellingen lieten niet lang op zich wachten.

Op 10 september 1947 sloeg het noodlot echter opnieuw toe. Ditmaal legde een brand de tribune in de as.

De stad besliste aan de overkant een noodtribune te bouwen en Racing zelf trok voor de tweede keer in enkele jaren de hoofdtribune opnieuw op.

Om geld in het bakje te krijgen, organiseerde het bestuur in november 1947 een benefiet-derby tegen de buren van KV. Racing won die met 2-0.

KV speelde op dat moment in de hoogste klasse en stond daar op kop, Racing bekleedde dezelfde positie in de 2e klasse.

Er kwam een massa volk opdagen (zie foto). Tegenwoordig zou zo’n derby een leger aan ordehandhavers op de been brengen, maar op dat moment was daar hoegenaamd geen sprake van. Eén inspecteur en drie agenten konden de veiligheid waarborgen.

Foto van de nog niet-afgewerkte hoofdtribune in 1947:


Weer bij de elite

In het seizoen 1947-1948 promoveerde Racing – na 12 jaar – weer naar de hoogste afdeling.

De kampioenenhulde was een onvergetelijk moment. Naast een ontvangst op het stadhuis, een optocht met duizenden mensen door de stad, honderden club- en supportersvlaggen op straat en heel wat muziekkorpsen vond een grote hulde plaats op de Botermarkt.

De spelers (de kern bestond uit Van der Auwera, Borms, Hofmans, De Boeck, Put, Mannaerts, De Herdt, Reyniers, Schaul, Hamers, De Saedeleer, Van Hoof, Moons, Mangelschots, Weemaes, Dieltjens en Diddens) kregen elk 10.000 frank (nu 250 euro) als kampioenenpremie.

Racing speelde in die tijd voor gemiddeld 12.000 toeschouwers.

In de eerste klasse werden de premies verhoogd: 1.400 frank voor een overwinning, 1.200 frank voor een gelijkspel en nog 1.000 frank voor een nederlaag.

Inderdaad, ook centjes voor een nederlaag, want in die tijd bestond het begrip “maandwedde” nog niet, laat staan dat er sprake was van “verplaatsingsonkosten”. Alle spelers kwamen immers te voet of met de fiets naar OVK.

De kampioenenploeg van 1948:


Ruimte voor externe advertenties:

Advertentie